Lezen is onderdeel van de Neon-methode voor taal en literatuur in het primair onderwijs. De methode besteedt aandacht aan alle aspecten van leesontwikkeling, van de eerste letters tot begrijpend en studerend lezen.
In groep 3 leren leerlingen lezen. De methode biedt een gestructureerde aanpak voor het aanleren van letters, klanken en het samenvoegen tot woorden. De didactiek is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek naar effectief leesonderwijs.
Belangrijke elementen zijn:
Systematische letter-klankkoppelingen.
Oefeningen voor het hakken en plakken van klanken.
Leesteksten die aansluiten bij het niveau van de leerling.
Herhaalde blootstelling aan nieuwe woorden.
Vanaf groep 4 werken leerlingen aan het verbeteren van hun technische leesvaardigheid. Het doel is vloeiend en accuraat lezen, zodat leerlingen zich kunnen richten op de inhoud van teksten.
De methode biedt:
Teksten op verschillende AVI-niveaus.
Oefeningen voor leestempo en leesnauwkeurigheid.
Materiaal voor zwakke lezers en sterke lezers.
Begrijpend lezen krijgt in alle groepen aandacht. Leerlingen leren strategieen om teksten te begrijpen, informatie te vinden en conclusies te trekken.
De methode werkt met:
Diverse tekstsoorten zoals verhalen, informatieve teksten en instructies.
Leesstrategieen zoals voorspellen, samenvatten en vragen stellen.
Oefeningen om de hoofdgedachte te vinden en verbanden te leggen.
Kritisch lezen en evalueren van bronnen.
De leesmethode biedt materiaal op verschillende niveaus, zodat je kunt differentiëren binnen je klas. Je kunt de methode aanpassen door eigen teksten toe te voegen of de volgorde te wijzigen. Goede aanpassingen kun je delen via de gezamenlijke bibliotheek.